Kamp Ravensbrück

“Wat is Ravensbrück?” De eerste vraag die bij ons opkwam, toen wij het project ‘Vrouwen van Ravensbrück’ kregen toegewezen. We hadden er nog nooit van gehoord, dus spannend was het wel. Snel kwamen we er achter dat Ravensbrück een oord van verschrikking was. Een vrouwenconcentratiekamp waar de omstandigheden minstens net zo onmenselijk waren als in de bekende andere kampen. De Fransen noemden het: ‘L’enfer des femmes’ (de vrouwenhel).

Kamp Ravensbrück
Tachtig kilometer ten noorden van Berlijn ligt het dorpje Ravensbrück. In 1938 werd hier door gevangenen van Sachsenhausen het grootste vrouwenconcentratiekamp ooit gebouwd. Ravensbrück was aanvankelijk een strafkamp. In 1944 werd een gaskamer met crematorium gebouwd, waardoor Ravensbrück in 1944 een vernietigingskamp werd. Rond de 130.000 vrouwen zaten in Ravensbrück, 92.000 overleefden het niet.

Ravensbrück werd het centrum van een snelgroeiend netwerk van subkampen dat zichuitstrekte tot in Beieren en Bohemen. Aan het einde van de oorlog waren er tenminste 34 grote subkampen en zo´n 70 kleinere kampen. In 1941 voegde de SS een kamp voor mannen toe aan het complex.

De vrouwen
De Nazi’s kwamen er al snel achter dat er ook van vrouwelijke zijde oppositie bestond. Toen het aantal arrestaties toenam, besloot men een kamp speciaal voor vrouwen te bouwen: Ravensbrück. Ravensbrück werd een internationaal kamp. De meerderheid van de vrouwen bestond uit burgers. Onder hen waren vrouwen uit het verzet, Jodinnen, Sinti, Zigeuners, Jehovagetuigen en ‘asocialen’ (ongehuwde moeders, prostituees, homoseksuelen) . Een kwart van de gevangenen bestond uit gedeporteerde Poolse vrouwen. Er zaten ook veel kinderen in Ravensbrück.

Ravensbrück werd volgens de standaard regels voor concentratiekampen geleid. Het enige verschil was dat er 150 ´Aufseherinnen´ (vrouwelijke opzichters) werden toegevoegd aan de ´Totenkopfbewakers´. Deze ´Aufseherinnen´ waren al snel even wreed en bruut als hun mannelijke collega´s. Stokslagen, bestraffing door middel van riemen, hogedrukslangen en honden waren aan de orde van de dag. Vanaf 1942 werden er in Ravensbrück ook vrouwelijke bewakers opgeleid voor andere kampen, 3500 in twee jaar.

Oord van verschrikking
Ondervoeding, slechte hygiëne, ziektes, medische experimenten, overbevolking, zwaar werk en mishandeling door kamppersoneel zorgden voor een onmenselijke situatie. Van gezondheidszorg kon men niet spreken. Gevangenen die niet op sterven na dood waren, werden direct weer aan het werk gezet. In het kamp kwamen veel longziekten, hart- en nieraandoeningen voor. In de winter was het zo koud, dat gevangenen bevriezingsverschijnselen opliepen.

Medische experimenten
In het kamp konden vrouwen slachtoffer worden van medische experimenten. SS-artsen grepen naar menselijk materiaal om hun geneeskunde verder te ontwikkelen. Zo werden gevangenen geïnjecteerd met ziektes (zoals Koudvuur) om nieuwe medicijnen te testen. Beentransplantaties en verwijdering van beenmerg of geslachtdelen kwamen ook voor. De fascisten deinsden er niet voor terug vrouwen en jonge meisjes te steriliseren en om methodes voor uitwendige sterilisatie te testen.

Leven als werkpaarden
Vanaf het begin van het concentratiekampsysteem werd zware arbeid gezien als 1 van de basiselementen van het regime. De belangrijkste onderneming die de SS in Ravensbrück dreef was het kleding- en leerbedrijf. In 1942 werkten er meer dan 5000 vrouwen 11 uur per dag aan de productie van uniformen, leren kledingstukken, etc. De vrouwen werkten ook in de landbouw, de wapenindustrie of aan de uitbreiding en onderhoud van het kamp. Lichamelijk een zeer zware opgave.

Het gruwelijke lot van de kinderen
Het lot van de kinderen in Ravensbrück was wellicht nog het gruwelijkst. Baby´s die in Ravensbrück werden geboren, werden verdronken of achtergelaten in een lege kamer, waar ze door uitdroging stierven. Getuigenissen van overlevenden stellen ook dat baby´s levend in ovens werden gegooid, begraven, vergiftigd of later vergast. Zwangere vrouwen moesten verplicht abortus laten plegen.

Kinderen die te jong waren om te werken werden gedood. Degenen die konden werken moesten dezelfde zware arbeid verrichten als hun moeders. In de latere jaren van het kamp werden kinderen niet direct gedood. Velen overlevenden het echter niet door gebrek aan voedsel en de vele ziektes.

Bevrijding
Begin april 1945 arriveerden het Zweedse en Deense Rode kruis. Zij wisten door onderhandelingen met Himmler rond de 8000 gevangenen te bevrijden. In 1945 evacueerde de SS het kamp en werden 20.000 vrouwen op een dodenmars meegenomen om uit handen te blijven van het naderende Rode Leger. Op 30 April 1945 werd het kamp bevrijd  door het Sovjetleger. Toen het Rode Leger de dodenmars naderde, schoten de SS´ers gevangenen neer. Langs de route lagen duizenden lijken. De Russen troffen 3000 zieke, verzwakte vrouwen en 300 mannen aan in Ravensbrück.



Reacties zijn gesloten.